Crowdfunding activiteiten
en de prospectusplicht

Crowdfunding wordt beschouwd als een vorm van beroep doen op het openbaar spaarwezen in de brede betekenis van het woord. Het wordt aangewend door ondernemers met een veelbelovend idee die zich onmiddellijk richten tot een heleboel investeerders zonder dat deze onderling een band hebben.

Deze vorm van openbare beroep doen op het spaarwezen valt mogelijks onder het toepassingsgebied van de wetgeving inzake de bescherming van het openbare spaarwezen. Het gaat hier om de wet van 16 juni 2006 op de openbare aanbieding van beleggingsinstrumenten en de toelating van beleggingsinstrumenten tot de verhandeling op een gereglementeerde markt (verder "Prospectus Wet").

Deze wetgeving heeft een vrij aparte structuur rond twee belangrijke principes.

Vooreerst, het principe dat er een prospectus nodig is waarop het publiek, aan wie de openbaar aanbieding wordt gericht, zich kan baseren om een beslissing te nemen over het antwoord dat het gaat geven op die aanbieding.

Ten tweede, het principe dat dit prospectus onderworpen is aan de goedkeuring van een toezichthoudende autoriteit of controleorgaan. Het gaat hier meer bepaald om de FSMA, de Autoriteit voor Financiële Diensten en Markten, die bevoegd is voor de aanbiedingen die ingevolge de Belgische wetgeving onderworpen zijn aan een controle, of andere autoriteiten bevoegd voor andere landen in de EER ofwel deze die wereldwijd bevoegd zijn, ingeval noch de FSMA, noch een overeenkomstige autoriteit in de EER bevoegd is om uitspraak te doen over het prospectus.

Daarnaast voert deze wet, zoals veel andere financiële reglementeringen, een gesloten systeem in van voorafgaande bepalingen die er het toepassingsgebied strikt van bepalen. Het gevolg is dat de beroepsmensen zullen moeten bepalen of een bepaalde transactie al of niet onderworpen is aan de Prospectus Wet, en of een prospectus opstellen dus al of niet noodzakelijk is.

De algemene definitie van een “openbare aanbieding van effecten” naar Belgisch recht is: "Een in om het even welke vorm en met om het even welk middel tot personen gerichte mededeling waarin voldoende informatie over de voorwaarden van de aanbieding en de aangeboden beleggingsinstrumenten wordt verstrekt om een belegger in staat te stellen tot aankoop van of inschrijving op deze beleggingsinstrumenten te besluiten, en die wordt verricht door de persoon die in staat is om de beleggingsinstrumenten uit te geven of over te dragen, dan wel door een persoon die handelt voor rekening van laatstgenoemde persoon."

De reglementering gaat zich dan verder verduidelijken via een reeks uitzonderingen. Hierdoor verliest een reeks openbare aanbiedingen zijn publiek karakter, hoewel deze wel voldoen aan de wettelijke definitie van de Prospectus Wet. Deze zijn dan ook niet onderworpen aan de prospectusplicht.

Onder de uitzonderingen die op exhaustieve wijze opgesomd zijn in de Prospectus Wet, vindt men meer bepaald een die betrekking heeft op de omvang van de transactie. Zo wordt een aanbieding, waarvan het totale bedrag lager is dan € 100.000, niet beschouwd als een openbaar aanbieding en valt deze dus niet onder de bescherming van de regelgeving.

Deze grens van € 100.000 werd al snel als te beperkend beschouwd door de professionals in de crowdfundingsector. Zij hebben dan ook een wetswijziging voorgesteld en bekomen.

Het resultaat daarvan, de wet van 25 april 2014 betreffende de alternatieve instellingen voor collectieve beleggingen en hun beheerders, voert een nieuwe uitzondering in op de verplichting om een prospectus te publiceren. Deze uitzondering is ook integraal opgenomen in de Prospectus Wet.

Om in aanmerking te komen voor deze uitzondering, moet men aan verschillende cumulatieve voorwaarden voldoen, namelijk:
• het totale bedrag van de aanbieding moet lager zijn dan € 300.000;
•  het geïnvesteerde bedrag per belegger mag niet hoger zijn dan € 1.000.

Naar aanleiding van deze wetswijziging zijn drie scenario’s mogelijk:

• het totale bedrag van de transactie bedraagt minder dan € 100.000 waardoor de prospectusplicht niet van toepassing is en het opstellen van een prospectus niet vereist is;
•  het totale bedrag van de transactie valt tussen € 100.000 en € 300.000, elke belegger investeert niet meer dan € 1.000, de prospectusplicht is niet van toepassing en er moet geen prospectus worden opgemaakt;
•  het totale bedrag van de transactie is hoger dan € 300.000, in welk geval de prospectusplicht geldig is, waardoor de aanbieder verplicht is een prospectus uit te geven.

Echter, ook deze nieuwe wetswijziging lijkt in vele opzichten niet tegemoet te komen aan de noden in de sector.

Ten eerste, wat zal een bedrijf aanrichten indien de limiet van € 300.000 in een eerste financieringsronde voldoende lijkt, maar achteraf blijkt dat een tweede financieringsronde nodig is omdat het erin geslaagd is te groeien? Zal deze onderneming dan verplicht worden een prospectus te maken?

Ten tweede blijkt soms dat de limiet van € 1.000 per belegger in geval van transacties tussen € 100.000 en € 300.000, onaangepast is aan de specifieke noden van de sector. Inderdaad, men moet vaststellen dat de gemiddelde investering bij twee van de grootste spelers in de sector in België € 1.000 en € 3.000 per belegger bedraagt .

Ten slotte is het duidelijk dat deze nieuwe wetswijziging een arbitrair karakter heeft. Het is toch onlogisch dat een belegger tot € 99.999 zonder beperking kan worden blootgesteld aan het risico van zijn investering terwijl hij, eens de limiet van € 100.000 overschreden, zal gedwongen worden om zijn investering te beperken tot € 1.000.

Wat er ook van zij, tot op vandaag hebben vrijwel alle crowdfunding platformen beroep gedaan op deze uitzonderingen om maar niet verplicht te worden een prospectus uit te geven.

Voor wat betreft de toekomst, werd op 3 februari 2014 een wetsvoorstel ingediend om het plafond waarboven het verplicht is om een prospectus op te maken tot € 1.000.000 te verhogen, naar het voorbeeld van wat gebeurt in de Verenigde Staten met de Jobs-Wet. Deze werd door Obama in 2012 ondertekend om de Amerikaanse kapitaalmarkt open te stellen voor de kleine ondernemingen. Hierin wordt namelijk een fondsenwerving in het kapitaal mogelijk tot $ 1.000.000.

01 december 2014

Ionathan Ventura - ionathan.ventura@peeters-law.be
Leo Peeters - leo.peeters@peeters-law.be